Doorgaan naar hoofdcontent

TRAPPEN IN HET DONKER

In sommige van mijn dromen word ik belaagd door iemand. Hij of zij wil me slaan of trappen of anderszins kwaad berokkenen. In veel van die dromen trap ik dan van mij af, sla van mij af, gooi de belager van de trap of sla hem in elkaar. Terwijl ik zo’n vredelievend mens ben. Probleem is wel eens dat ik mijn geliefde raak, of, als ik in een eenpersoonsbed lig tegen een muur trap. Zo ook vannacht.
Ik lag te slapen in een smal eenpersoonsbed aan boord van de Oscar Wilde op weg naar Ierland en fietste tegelijkertijd door een van de zijstraten van het Wilhelminapark in Utrecht. De straat lag volop in de zon, aan twee kanten stonden prachtige bomen. Ik zwierde en zwaaide vrolijk fietsend door de straat. Maar op enige afstand werd ik op dezelfde manier als ik fietste gevolgd door twee jongelui, die het duidelijk op mij gemunt hadden. Toen dook ineens mijn zwager op, die in een rolstoel ging zitten, me vriendelijk aankeek, maar plotseling begon over te geven. Een van de jongens stapte af en ging tegen een muur zitten en dit was voor mij het moment om de aanval in te zetten. Ik haalde al trappend uit naar hem en zijn fiets. En op dat moment trok een vlammende pijn door mijn grote teen. Ik werd wakker, keek verward om me heen, ik was toch bij het Wilhelminapark, maar nee hoor, ik lag in een hut van een schip en had tegen de zijwand getrapt.

Populaire posts van deze blog

ITHAKA

Ik herlas ITHAKA van Kavafis, ik zal je er enkele losse stukjes van laten lezen, de rest moet je maar opzoeken (ik gebruik de vertaling van Hans Warren en Mario Molengraaf uit 1984). Als je de tocht aanvaardt naar Ithaka wens dat de weg dan lang mag zijn, vol avonturen en ervaringen. De Kyklopen en de Laistrygonen, de woedende Poseidon behoef je niet te vrezen, hen zul je niet ontmoeten op je weg wanneer je denken hoog blijft, en verfijnd de emotie die je hart en lijf beroert. De Kyklopen en de Laistrygonen, de woeste Poseidon, je zult hen niet ontmoeten als je ze niet in eigen geest meedraagt, je geest hen niet gestalte voor je geeft. En dan volgen er nog drie strofen, die niet minder mooi zijn. Zie verder het boek met de vertaling van Warren en Molengraaf. Gisteravond at ik aan de rand van Regensburg een Wienerschnitzel met een salade van radijs, wortel en bladblazer. (Dit laatste woord komt tot stand door het gebruik van een automatisch woordenboek, soms laat ik het...

MARCO POLO

Peljesac, een schiereiland ten noorden van Dubrovnik is een oord van rust en goede wijnen. Bergachtig, maar niet al te hoog. Prachtige diepblauwe zee en aangename temperatuur. Je kunt er met de boot naar Korcula, op het gelijknamige eiland. Hier werd Marco Polo geboren, althans dat is de veronderstelling. In ieder geval is hij er door de Genuezen gevangen genomen, ergens eind dertiende eeuw, toen hij een schip van de Venetianen aanvoerde in een zeeslag van een dag tegen Genua, vlak voor Korcula. En tijdens die gevangenschap heeft hij zijn verhalen doorgegeven aan de schrijver Rustichello. In Korcula is alleen de toren van zijn huis te beklimmen, nou ja, toren!? En de winkeliers buiten zijn bekendheid uit zoals gebruikelijk bij echte middenstanders. In het toeristenbureau hangt overigens een portret van de Kublai Khan, bij wie Marco Polo jaren in dienst zou zijn geweest, geschonken door de Chinese overheid. De Chinese toeristen, die hier werkelijk komen, mogen in ruil daarvoor gratis...

OLIFANTEN ZIJN GEVOELIGE DIEREN

- Kunt u mij helpen? hoorde hij achter zich. Hij draaide zich om en keek in de ogen van een dikke vrouw die vastgeklemd zat in het toegangspoortje. Haar grote plastic boodschappentas stond al achter de doorgang, maar het lukte haar niet zichzelf erdoorheen te wringen. Hij onderdrukte een glimlach, zag haar korte beentjes als in een tekenfilm boven de grond ronddraaien. Het pakje voor zijn kleinkind legde hij op de grond. - Kunt u mij lostrekken? zei de vrouw die wild met haar armen zwaaide alsof ze hem naar zich toe wilde halen. Hij zette een stap in haar richting. - Trekt u maar flink hard. Hij pakte haar kwabbige handen en trok. - Harder, moedigde de vrouw hem aan, - harder. Hij trok stevig, maar was zelf niet groot en zijn vingers verloren houvast  op de zweterige huid van de vrouw. Hij greep haar polsen opnieuw vast en rukte. Ze schoot los. Ze tuimelde over haar boodschappentas het perron op. Bijna plette ze het aardigheidje voor zijn kleinzoon. Het elektronische slag...